Moet je anders gaan eten als je meer gaat trainen? Dat is de vraag die recreatieve lopers zich wel eens stellen. In principe is het zo dat een recreatieve sporter genoeg heeft aan een goede en gevarieerde voeding . Professionele atleten kunnen baat hebben bij een individueel aangepaste voedingadvies welke aansluit bij hun trainingsfrequentie.
Waar moet je zoal op letten:
Naast de aanbeveling om evenwichtig en gevarieerd te eten ( zie hiervoor ook de voedingsdriehoek), zijn de voedingsrichtlijnen voor lopers er vooral op gericht de koolhydraatvoorraad te optimaliseren (60 tot 70 energie% koolhydraten).
Koolhydraten worden omgezet in glucose en glucose wordt in de cel verder omgezet in energie of opgeslagen in de vorm van glycogeen. Hoe groter de glycogeenvoorraad in je lichaam, hoe langer je een intensieve inspanning kunt volhouden.
Verwar een koolhydraatrijke voeding niet met zoete suikerrijke maaltijden en tussendoortjes. Kies voor complexe koolhydraten. Je vindt ze voornamelijk in brood, aardappelen en andere graanproducten.
• Wees zuinig met vetten en vetrijke voedingsmiddelen (max. 30 energie% vet), een spelregel die bij elke gezonde voeding past. Geef de voorkeur aan halfvolle of magere zuivelproducten en magere vleeswaren. Hoed je voor tussendoortjes die naast veel suiker ook relatief veel vet kunnen bevatten (bv. snoeprepen).
• Met een adequate, gewone voeding wordt de aanbevolen hoeveelheid eiwit makkelijk gehaald.
• Een evenwichtig samengestelde en gevarieerde voeding rijk aan groenten en fruit brengt voldoende vitaminen en mineralen aan.
De extra energie die voor het sporten nodig is, kan het best uit normale voedingsmiddelen worden verkregen omdat die ook de nodige vitaminen en mineralen leveren. Op die manier heeft de sporter geen aanvullingen nodig in de vorm van supplementen.
Extra vitaminen verhogen de prestaties niet. Een vitaminesuppletie heeft pas effect als er een vitaminetekort is, bijvoorbeeld als gevolg van een al te nonchalant voedingspatroon.

Reacties