Voor het eerst in dertien jaar is er weer een wereldrecord gelopen op de 800 meter. David Rudisha liep zondag in Berlijn 1.41.09. Het wereldrecord bij de vrouwen staat al sinds 1983, maar bij de mannen was het Wilson Kipketer die het record in 1997 liep. Rudisha liep tweehonderdste van een seconde sneller dan Kipketer in zijn snelste race.
Het was een fabelachtige race in Berlijn. Rudisha moet absoluut in staat geacht worden om onder die 1.41 te duiken, want het leek alsof hij niet eens helemaal voluit ging op de laatste meters. En hij liep de race zo ongeveer in z'n eentje. Zijn haas maakte maar tot 450 meter tempo. Het lastige van een 800 meter is dat je je krachten goed moet verdelen. Ga je de eerste 400 meter te snel, dan bekoop je dat in de rest van de race. Maar ga je die eerste 400 meter te langzaam, dan kun je dat eigenlijk niet meer goedmaken in de tweede 400 meter.
Nu iedereen uit het warme Barcelona van de EK atletiek is teruggekeerd en de laatste maand van dit atletiekseizoen aanbreekt, vind ik het mooi om te zien dat op sommige onderdelen de Europese atletiek een grote stap gemaakt heeft.
Er zijn beste seizoensprestaties of gewoon heel opvallende prestaties neergezet op dit Europees kampioenschap op onderdelen die normaliter niet gedomineerd worden door Europese atleten.
Voor mij is het onbegrijpelijk hoe mensen stoïcijns naar de laatste paar duels van het Nederlands elftal hebben kunnen kijken, te beginnen met de 2e helft tegen Brazilië. Het is niet zo dat ik me vreselijk zit op te winden, hoewel mijn partner daar heel anders over denkt trouwens.
Ik vind het alleen ongehoord spannend, kijk zo'n hele wedstrijd met een veel te hoge hartslag en bij iedere aanval van de tegenpartij gaat deze nog meer omhoog. Bij een aanval van 'ons' ook trouwens.
Ik erger me ook nog eens vreselijk aan dooddoeners als "en als ze verliezen, wat dan nog", of "dan is dat maar zo" of "het is maar voetbal". Natuurlijk weet ik net als ieder ander dat het geen zaak van leven of dood is, maar op dat soort momenten hou ik niet van relativeren. Relativeren hoort immers niet bij topsport. Niks relativeren, je nagels opeten.
Ik dacht dat de Verenigde Staten geen voetballand was. American Football wel, maar soccer vinden ze daar toch helemaal niet leuk? Te saai, te weinig goals, te weinig actie.
Dat hoorde ik altijd.Ik was dan ook flink verbaasd toen ik vorige week in New York was en bij elk restaurant en café borden buiten zag staan met 'World Cup live'.
Hoe vaak ik ook naar de lucht heb gestaard en hoe vaak ik bedacht heb dat weersvoorspellingen lang niet altijd uitkomen, helaas afgelopen zondag wel. Koud en 90% kans op regen.
Dat werd het dus ook precies tijdens de FBK-Games in Hengelo.De buienradar gaf aan dat de buien zouden moeten verdwijnen in de loop van de middag. Dat deden ze ook wel, maar ze kwamen helaas ook steeds en steeds heviger terug.
Het is zondag 9 mei, twaalf uur 's middags. Weekeinde dus, maar niet in mijn hoofd. Ik heb even de tijd genomen om een moederdagbezoek te brengen aan mijn schoonmoeder. Maar daarna kruip ik weer achter mijn laptop.
Wat een boeiend beroep heb ik toch: manager van atleten en daarnaast organisator van het atletenveld voor de FBK-Games in Hengelo en de Diamond-League in Sjanghai.
We hebben met z'n allen het bankensysteem en de toekomstige superbonussen van wat bankiers gered. Toen ook nog even de hieruit volgende economische crisis voor de kiezen gehad en nu is het blijkbaar tijd dat wij met z'n allen worden geacht al die miljarden weer op te hoesten.
Vraag mij niet hoe het allemaal kan, als je straks die bankaandelen op het goede moment weer verkoopt en de bankleningen worden terugbetaald, zou je toch eigenlijk niet nog steeds om en nabij 30 miljard moeten hoeven bezuinigen?
Even dacht ik dat ik nog in Doha was bij de WK
indoor. Maar ik was al een paar dagen terug en werd zaterdagnacht uit m'n slaap
gehouden door een overbuurman met een voorkeur voor oorverdovend harde
mediterrane muziek. Dat werd een kort nachtje, want zondagochtend vroeg werd ik
op Papendal verwacht.
De bondscoaches midden- en lange afstand van
de atletiekunie hadden een bijeenkomst belegd voor de regionale en nationale
selecties als een kick-off van het komende baanatletiekseizoen.
De afgelopen week was ik een paar dagen in Manila,
Filippijnen, voor een sponsoractiviteit met Haile Gebrselassie. Manila is een
aparte stad. Grote delen van de stad bestaan uit huizen die achter heel hoge
hekken staan, of compounds waar een bataljon aan beveiliging voor staat.
Ook m'n hotel kwam je niet in zonder dat bagage en handtas
gecontroleerd werden en snuffelhonden gepasseerd moesten worden die drugs of
explosieven moeten opspeuren. Dat doet allemaal niet heel erg vriendelijk aan,
terwijl de sfeer op straat niet vervelend aanvoelt.
Hoezo 'het zwarte gat' voor een topsporter na z'n carrière? Je pakt toch gewoon je leven op, gaat een baan zoeken of een studie volgen en gewoon af en toe terugdenken aan je tijd als sporter? Die gedachte is niet reëel. Iedereen moet z'n weg zien te vinden in het leven. Dat is voor een sporter niet anders.
Die heeft alleen een tijdje een vrij geïsoleerd leven gehad waarin alles in het teken stond van één ding. Dat moet hij achter zich laten om opnieuw een plekje in de maatschappij te veroveren.
Laatste reacties