Springen

%d0%be%d0%be101In het Track and Field zijn verschillende soorten atletiek opgenomen. We hebben het al eerder gehad over het hardlopen, hardloopkleding en de verschillende afstanden die er gelopen kunnen worden. In dit artikel gaan we dieper in op het onderdeel springen.

Net zoals bij het hardlopen zijn er verschillende soorten springwedstrijden in het Track and Field opgenomen, Hoogspringen, Verspringen en de zogenaamde Hink-stap-sprong. Hoewel al de drie disciplines met springen te maken hebben zijn ze heel erg verschillend.

Het hoogspringen

Het hoogspringen kan weer verdeeld worden in 2 verschillende vormen.

  • Hoogspringen zonder hulpmiddelen: De speller springt vanuit een klein sprintje over een stok die op een bepaalde hoogte balanceert. In de meeste gevallen wordt er achterstevoren, met de schouders eerst, gesprongen. Geland wordt er op een dikke mat. Iedere keer wordt de lat wat hoger gelegd, totdat er maar 1 persoon over is.

• Polsstokhoog springen. Bij het polsstokhoogspringen is het de bedoeling om met behulp van een lange buigbare stok zo hoog mogelijk te springen. De eerste polsstokken waren van hout, daarna van het buigbare bamboe en tegenwoordig worden ze van glasvezel gemaakt. Na een sprintje van maximaal 35 meter word de polsstok aan de grond gezet en met de juiste tactiek kan de speler zich heel hoog opwerpen om zo over een dwarslat heen te springen. De dwarslat is net zoals bij het hoogspringen zodanig geprepareerd dat deze bij aanraking naar beneden valt. Als dit gebeurd dan is de poging mislukt. Er mag drie keer geprobeerd worden. Net zoals bij het echte hoogspringen ligt aan de andere kant een dikke schuimrubber mat waarop de speler landt. De landing is dus helemaal niet belangrijk.

Het verspringen

%d0%be%d0%be102Een ander onderdeel van de atletiekwedstrijden die gehouden worden tijdens het Track and Field en valt onder de spring sporten is het verspringen. Het is de bedoeling bij het verspringen om uiteraard zover mogelijk te springen. Dit gebeurt na een aanloop. De speler mag zelf kiezen hoelang of uit welke richting de aanloop genomen wordt. Aan het eind van de aanloopbaan is een witte lijn of een houten afzetbalk die zelfs niet met 1 teen overschreden mag worden. Aan de andere kant van de lijn ligt een gladgestreken zandbak. Aan de hand van de afdruk van de landing van de schoenen in het zand wordt de afstand bepaald. Iedere speler mag het drie keer proberen. De beste score telt voor de uitslag van het kampioenschap.

De hink-stap-sprong

De hink-stap-sprong wordt in het Engels de triple jump genoemd. Bij deze speciale sprong beschrijft de naam eigenlijk de acties van de atleet. Na een aanloop moet er wederom voor de lijn afgezet worden. Daarna dient de speler eerst te landen op de voet waar hij ook mee heeft afgezet (hink). Daarna wordt een grote stap gemaakt met de andere voet en daarna dienen beide voeten tegelijk neer te komen in de zandbak. De afstand wordt gemeten vanaf het afzetpunt tot de afruk in het zand van de landing.

Comments are closed